Kan een uit dienst tredende werknemer een verlies nemen als hij verplicht is zijn aandelen in de werkgever aan te bieden tegen een lagere prijs dan de waarde in het economische verkeer?

Om een werknemer te belonen en te binden kan een werkgever aandelen aanbieden. Het is verstandig om daarbij afspraken te maken over het verplicht terugverkopen van de aandelen als de werknemer uit dienst treedt. Dit wordt ook wel een bad-leaver bepaling genoemd. Aan de Belastingdienst is gevraagd of een werknemer die bij uitdiensttreding zijn aandelen moet verkopen tegen een lagere prijs dan de waarde in het economische verkeer (hierna: WEV), een verlies kan nemen.
In de voorgelegde casus had een werknemer in jaar 1 aandelen verworven in zijn werkgever. De werknemer hoefde hier niets voor te betalen. Omdat de WEV op het moment van verwerven € 100 bedroeg, heeft de werkgever op dat moment loonheffingen ingehouden en afgedragen over een loonvoordeel van € 100.
Let op! Als de werknemer € 100 betaald had voor de aandelen, dan had de werkgever geen loonheffingen in hoeven te houden en af te dragen.
In jaar 4 treedt de werknemer uit dienst. Op grond van een afgesproken bad-leaver bepaling moet de werknemer de aandelen aan de werkgever verkopen voor € 500. De WEV van de aandelen is op dat moment € 800. Omdat de werknemer de aandelen op de vrije markt had kunnen verkopen voor € 800, maakt de werknemer een verlies van € 300.
De Belastingdienst bevestigt dat de werknemer dit verlies van € 300 kan aanmerken als negatief loon. Het betreft hier namelijk een verlies dat aan de dienstbetrekking moet worden toegerekend, omdat de werknemer op grond van de bad-leaver bepaling verplicht was zijn aandelen tegen de lagere prijs aan te bieden.
Let op! Niet elke verkoop van aandelen leidt tot een negatief loon. Als een werknemer bijvoorbeeld vrijwillig zijn aandelen tegen een lagere prijs verkoopt, kan niet gesteld worden dat sprake is van een verlies dat aan de dienstbetrekking moet worden toegerekend.

De Wet excessief lenen bij eigen vennootschap regelt grofweg dat de dga die te veel heeft geleend bij de eigen bv, hierover belasting betaalt. Er geldt een drempel van € 500.000. Voor toepassing van deze drempel kan meer meetellen dan alleen een lening aan de dga. Verder zijn ook uitzonderingen op de regel mogelijk. Het meetmoment in 2026 is 31 december 2026. U heeft daarom tot die tijd om te beoordelen wat de wet voor uw situatie in 2026 betekent en of u nog actie kunt/moet ondernemen.
Lees verder
Als u met een auto van de openbare weg gebruikmaakt, bent u motorrijtuigenbelasting (mrb) verschuldigd. Gebruikt u een auto tijdelijk niet, dan kunt u het kenteken laten schorsen en hoeft u ook de mrb tijdelijk niet te betalen. Als u met een auto van de openbare weg gebruikmaakt, bent u motorrijtuigenbelasting (mrb) verschuldigd. Gebruikt u een auto tijdelijk niet, dan kunt u het kenteken laten schorsen en hoeft u ook de mrb tijdelijk niet te betalen.
Lees verder