ACTUEEL

Zoek:
Filter op soort artikel:
Thank you! Your submission has been received!
Oops! Something went wrong while submitting the form.

Vrachtwagenheffin

Vanwege de invoering van de vrachtwagenheffing per 1 juli 2026, wordt de mrb voor vrachtwagens lager. Via de vrachtwagenheffing moet op bijna alle snelwegen en een aantal andere wegen voortaan een heffing per gereden kilometer worden betaald. De omvang van de heffing hangt onder meer af van de uitstoot van CO2. Op de website van RDW kun je berekenen wat het bedrag per kilometer wordt.

 

Let op! In de Tweede Kamer is een motie aangenomen waarin de regering onder meer verzocht wordt op de vrachtwagenheffing zo snel mogelijk te verlagen.

 

Vermindering mrb

De vermindering van de mrb hangt onder meer af van het gewicht van de vrachtauto, het aantal assen en van de vraag of er al dan niet sprake is van luchtvering en een koppelinrichting, waarmee een aanhangwagen of oplegger verbonden kan worden. Zo bedraagt bijvoorbeeld de maximale mrb vanaf 1 juli 2026 €232,25 per drie maanden voor een vrachtauto van 40 ton of meer met koppelinrichting en zonder luchtvering, terwijl dit nu nog €752 is.

 

Let op! Voor alle vrachtwagens tot 12.000 kg verdwijnt de mrb zelfs helemaal. Ditzelfde geldt voor bepaalde vrachtwagens die zwaarder zijn, afhankelijk van het gewicht, het aantal assen, wel of geen koppeling en wel of geen luchtvering. De nieuwe tarieven vind je op de website van de Belastingdienst.

 

Bijzondere tarieven vervallen

Per 1 juli 2026 vervalt ook een aantal bijzondere tarieven in de mrb. Dit zijn de bijzondere tarieven voor personen- en vrachtauto’s die zijn ingericht als werktuig of werkplaats, voor personen- of vrachtauto’s die alleen gebruikt worden voor het vervoer van kermis- of circusbenodigdheden en voor rijdende winkels. Voor deze voertuigen moet vanaf 1 juli 2026 het volledige tarief voor personen- respectievelijk vrachtauto’s betaald worden. 

Bedrijfsvoertuigenpark

Ook de speciale regeling voor bedrijfsvoertuigenparken vervalt per 1 juli 2026. Via deze regeling kan een bedrijf nu nog mrb terugvragen als het meer vrachtauto's dan aanhangwagens bezit, gebaseerd op de combinatie. Je kunt via een speciaal formulier op de website van de Belastingdienst over de periode 1 juli 2026 nog mrb terugvragen. 

Vanaf wanneer nieuwe tarief?

Je betaalt de mrb altijd per drie maanden. De nieuwe tarieven gaan in vanaf het eerste tijdvak dat begint vanaf 1 juli 2026. Loopt je tijdvak bijvoorbeeld van 10 april 2026 tot en met 9 juli 2026? Dan betaal je pas het nieuwe tarief vanaf 10 juli 2026.

 

Let op!Is een voertuig geschorst en gaat het na 1 juli weer uit de schorsing, dan betaal je het nieuwe tarief vanaf de datum dat het voertuig uit de schorsing gaat.

Let op!  Je kreeg uiterlijk eind april 2026 een brief over deze wijzigingen.

nieuws
5/5/2026
Verkeer

Wijzigingen motorrijtuigenbelasting per 1 juli 2026

Op 1 juli 2026 wordt een groot aantal wijzigingen doorgevoerd met betrekking tot de motorrijtuigenbelasting (mrb), ook wel bekend als wegenbelasting. De wijzigingen hangen voor een deel samen met de invoering van de vrachtwagenheffing.

LEES VERDER

Verhuur squash- en padelbanen

Deze ondernemer exploiteert squash- en padelbanen. Bij de banen is ook een horecagelegenheid gevestigd. Sporters kunnen via een online reserveringssysteem een baan huren op een bepaald tijdstip voor een bepaalde duur. De sporter kan dit doen op basis van een abonnement of voor een tarief per tijdseenheid.

De sporter verkrijgt na online reservering het exclusieve gebruiksrecht tot die specifieke baan. Er is geen personeel aanwezig op de banen. Het personeel van de horecagelegenheid open en sluit het pand en doet de lichten aan vanaf achter de horecabar. Het horecapersoneel heeft verder geen zicht op de banen en houdt daarop ook geen toezicht.

Vrijgesteld van btw?

De ondernemer vindt dat de verhuur van de squash- en padelbanen aan particuliere sporters is aan te merken als de verhuur van een onroerende zaak. Hiervoor geldt een btw-vrijstelling en daarom kan de verhuur plaatsvinden zonder btw.

9% btw?

De Belastingdienst vindt dat de verhuur is aan te merken als het gelegenheid geven tot sportbeoefening. De Belastingdienst meent bovendien dat geen sprake is van kale verhuur van een onroerende zaak omdat de ondernemer aanvullende diensten verricht zoals het beschikbaar stellen van kleed- en doucheruimte, sanitair en een horecagelegenheid. Voor gelegenheid geven tot sportbeoefening geldt het 9% btw-tarief.

Rechtbank: btw-vrijstelling

De rechtbank is het met de ondernemer eens. De particulier sporter verkrijgt na een online reservering het exclusieve gebruiksrecht om op een bepaalde datum gedurende een bepaalde tijd de baan te gebruiken. Anderen kunnen van die baan dan niet gebruikmaken. Daarmee is volgens de rechtbank sprake van btw-vrijgestelde verhuur van een onroerende zaak.

Kleedkamers en horeca maken dat niet anders

De kleed- en doucheruimtes, toiletten en de aanwezige horeca maken volgens de rechtbank niet dat in deze casus sprake is van meer dan het passief ter beschikking stellen van een baan aan een sporter. Ook het feit dat de huurders van plan zijn om de baan te gebruiken om te gaan sporten, maakt dat niet anders.

De ondernemer kan daarom zijn squash- en padelbanen verhuren zonder btw.

Let op! Deze uitspraak betekent niet dat elke squash -en padelbaan in Nederland nu zonder btw verhuurd kan worden. In vergelijkbare gevallen kan een beroep gedaan worden op de uitspraak van de rechtbank, maar houd er rekening mee dat de Belastingdienst tegen deze uitspraak mogelijk nog in beroep gaat. Wijkt de verhuur van een squash- en padelbaan af van de hiervoor beschreven casus, dan is de kans aanwezig dat die verhuur wel kwalificeert als gelegenheid geven tot sportbeoefening. Bespreek je eigen situatie daarom met een van onze adviseurs.

 
nieuws
5/5/2026
Tennis

Verhuur squash- en padelbanen zonder btw

Rechtbank Den Haag is van mening dat een ondernemer terecht geen btw berekent over de verhuur van squash- en padelbanen. Hoe speelt deze ondernemer de bal?

LEES VERDER

Toename met 1,90%

De indexatie van het wettelijk minimumuurloon is een gemiddelde van de procentuele ontwikkeling van contractlonen in de marktsector, de gepremieerde en gesubsidieerde sector en de overheid. In totaal neemt het wettelijk minimumuurloon per 1 juli 2026 met 1,90% toe ten opzichte van 1 januari 2026. Het komt daarmee uit op € 14,99.

Let op! Het referentiemaandloon stijgt hierdoor per 1 juli 2026 naar € 2.337 bruto per maand. Dit referentiemaandloon wordt gebruikt voor het vaststellen van de hoogte en indexatie van diverse uitkeringen

Wettelijk minimumjeugdlonen ook omhoog

De wettelijk minimumjeugdlonen zijn een percentage van het wettelijk minimumuurloon dat geldt voor iedereen van 21 jaar en ouder. Door de indexatie van het wettelijk minimumuurloon stijgen ook de minimumjeugdlonen per 1 juli 2026.

Leeftijd Percentage Minimumloon
21 jaar en ouder  100%  € 14,99
20 jaar    80%  € 11,99
 19 jaar  60%  €   8,99
 18 jaar  50%  €   7,50
 17 jaar  39,5%  €   5,92
 16 jaar  34,5%  €   5,17
 15 jaar  30%  €   4,50

Let op! Het percentage gaat voor werknemers in de leeftijd van 16 tot en met 20 jaar met ingang van 1 januari 2027 omhoog. Voor een 20-jarige bedraagt dit dan 87,5%, voor een 19-jarige 75%, voor een 18-jarige 62,5%, voor een 17-jarige 50% en voor een 16-jarige 40%. Voor een 15-jarige blijft het percentage gehandhaafd op 30%.

Ook minimumjeugdloon bbl’er stijgt mee

Bbl’ers (leerlingen in een beroepsbegeleidende leerweg met een arbeidsovereenkomst) in de leeftijd van 15 tot en met 17 jaar en vanaf 21 jaar hebben recht op het minimumuurloon zoals hiervoor vermeld. Voor bbl’ers in de leeftijd van 18 tot en met 20 jaar gelden afwijkende lagere percentages.

Leeftijd Percentage Minimumloon
 20 jaar  61,5%  €   9,22
 19 jaar  52,5%  €   7,87
 18 jaar  45,5%  €   6,82

Let op!Met ingang van 1 januari 2027 gelden er voor bbl’ers in de leeftijd van 18 tot en met 20 jaar geen afwijkende lagere percentages meer. De bbl’ers in deze leeftijdscategorie hebben dan ook recht op het reguliere minimumjeugdloon.

nieuws
4/5/2026
Geld

Wettelijk minimumuurloon per 1 jul 2026 € 14,99

Het wettelijk minimumuurloon wordt per 1 juli 2026 weer geïndexeerd en stijgt daardoor naar € 14,99.

LEES VERDER

Subsidie voor meer ondernemers beschikbaar

Dit jaar kunnen alle ondernemers met een grootverbruikaansluiting (een elektriciteitsaansluiting die groter is dan 3x80 ampère) de subsidie aanvragen. Huurders zonder eigen aansluit- en transportovereenkomst kunnen de subsidie dit jaar niet meer aanvragen, maar de eigenaar van het pand mogelijk wel. Nieuw is verder dat alleen voor maatregelen die samen 100 kW (flexibel) vermogen hebben, nog een congestiemanagementcontract nodig is. Bij een geringer vermogen is een dergelijk contract dus niet meer nodig.

Let op! Heb je een congestiemanagementcontract nodig, vraag dit dan op tijd aan bij je netbeheerder. De aanvraag kan namelijk enkele maanden in beslag nemen. 

Waarvoor subsidie?

Je kunt subsidie krijgen voor een flexibiliteitscan, een haalbaarheidsstudie of voor de te nemen flexibiliteitsmaatregelen zelf. Via de scan wordt duidelijk welke flexibiliseringsmogelijkheden je hebt en via de haalbaarheidsstudie weet je welke maatregelen technisch haalbaar zijn. Ook voor de maatregelen die je uiteindelijk neemt, is subsidie beschikbaar. Denk aan maatregelen voor het opslaan van energie of voor het omzetten van energie in een andere energievorm.

Omvang subsidie
Voor een flexibiliteitscan en een haalbaarheidsstudie krijg je 50% van de gemaakte kosten vergoed, net zoveel als vorig jaar. De maximum subsidie voor een flexibiliteitsscan is € 10.000 en voor een haalbaarheidsstudie € 125.000. De haalbaarheidsstudie kent een minimumbedrag van € 10.000. De subsidie voor te nemen flexibiliseringsmaatregelen is verhoogd van 35% naar 40% en bedraagt minimaal € 25.000 en maximaal € 300.000. Alleen voor landbouwbedrijven geldt een maximum van € 50.000. In totaal is €29 miljoen aan subsidie beschikbaar.

Let op! Het budget wordt verdeeld op volgorde van binnenkomst van de aanvragen. Wacht daarom niet te lang met je aanvraag.

Aanvragen subsidie

Je kunt de Flex-e subsidie aanvragen via de RVO van 6 mei 2026 9.00 uur tot 15 oktober 2026 17.00 uur.

Let op!  Alles over de subsidie en de voorwaarden is te vinden op de website van RVO.

nieuws
4/5/2026
Duurzaam

Vanaf 6 mei 2026 subsidie voor flexibel elektriciteitsverbruik

Ondernemers die last hebben van een overbezet elektriciteitsnet, kunnen ook dit jaar weer subsidie aanvragen voor flexibel elektriciteitsverbruik, Flex-e. De subsidie is dit jaar verbeterd en voor meer ondernemers beschikbaar. Door de flexibilisering kunt u de gevolgen van netcongestie, de overbelasting van het elektriciteitsnet, ontgaan.

LEES VERDER

Aftrek kosten werkruimte

Een ondernemer die een werkruimte in zijn woning gebruikt voor zijn onderneming, kan de kosten van die werkruimte meestal niet in aftrek brengen. Aftrek is alleen mogelijk voor een werkruimte die naar verkeersopvattingen zelfstandig is. Om zelfstandig te zijn moet een werkruimte bijvoorbeeld een eigen ingang of opgang en sanitaire voorzieningen hebben.

Let op! Naast het criterium van een zelfstandige werkruimte moet de ondernemer ook zijn winst in die werkruimte verdienen. Heeft de ondernemer ook nog een andere werkruimte niet in de woning, dan moet de ondernemer zijn winst voor 90% of meer in of vanuit de werkruimte 
verdienen en voor 70% of meer in de werkruimte.

Werkruimte tijdens coronacrisis

Een onderneemster die al jaren lesgaf bij diverse sportscholen en organisaties, wilde in haar aangifte inkomstenbelasting 2020 het deel van de huur dat betrekking had op haar woonkamer, in aftrek brengen.

Tijdens de coronacrisis maakte de onderneemster vanuit de woonkamer podcasts en instructievideo’s. De woonkamer had volgens de onderneemster een eigen deur en zij gebruikte de woonkamer als studioruimte voor de digitale lessen. Zij gaf aan in de keuken en slaapkamer van het appartement te wonen. De onderneemster vond dat wat naar verkeersopvattingen als zelfstandig moet worden aangemerkt, gedurende de coronacrisis was veranderd, omdat er over het algemeen thuis werd gewerkt. De woonkamer was in haar geval dan ook een zelfstandige werkruimte, vond zij.

Geen werkruimte

Een gerechtshof wast het daar niet mee eens. De toiletruimte was onderdeel van het appartement als geheel en geen onderdeel van de woonkamer. De woonkamer kon daarom niet als zelfstandig worden aangemerkt. Dat tijdens de coronacrisis over het algemeen thuisgewerkt werd, maakte niet dat de woonkamer daarmee ineens zelfstandigheid verkreeg, aldus het gerechtshof. Eindconclusie was dat de onderneemster geen recht had op aftrek van de huurkosten met betrekking tot de woonkamer.

Tip!  Wil je weten of de werkruimte in jouw woning kan worden bestempeld als zelfstandige werkruimte? Overleg daarover dan met een van onze adviseurs.

 
nieuws
1/5/2026
Bedrijfspand

Kosten woon- tevens werkkamer ook tijdens corona niet aftrekbaar

Zijn de huurkosten van een tijdens de coronacrisis als werkruimte gebruikte woonkamer aftrekbaar? Een gerechtshof oordeelde dat dit niet zo was en dat de coronacrisis dit niet anders maakte.

LEES VERDER

Rechtsvermoeden bij uurtarief tot € 38

Na inwerkingtreding van de wet wordt de persoon die voor een ander arbeid verricht tegen een beloning van minder dan € 38,00 per uur, vermoed een arbeidsovereenkomst te hebben bij die ander.

Op deze manier wordt de rechtspositie van deze werkenden beschermd. Overigens betreft het een weerlegbaar rechtsvermoeden. Dit betekent dat de opdrachtgevers het rechtsvermoeden kunnen tegenspreken door aan te tonen dat er geen sprake is van een arbeidsovereenkomst. Slaagt de opdrachtgever hier niet in, dan is sprake van schijnzelfstandigheid en bestaat er recht op de bescherming die het arbeidsrecht biedt zoals recht op doorbetaalde vakantie en ontslagbescherming. 

Het kabinet verwacht dat dit rechtsvermoeden in de praktijk een preventieve en normerende werking heeft, zodat kwetsbare werkenden minder snel in een situatie van schijnzelfstandigheid terechtkomen.

Indexatie op basis van de cao-loonontwikkeling

De Tweede Kamer heeft nog een belangrijk amendement aangenomen. Het was de bedoeling om genoemd uurtarief twee keer per jaar aan te passen in lijn met de aanpassingen van het wettelijk minimumloon. Op basis van het aangenomen  amendement zal de indexatie van het uurtarief echter plaatsvinden aan de hand van de cao-loonontwikkeling.

Beoogde inwerkingtreding 1 juli 2026

 De inwerkingtreding van het rechtsvermoeden op basis van het uurtarief is 1 juli 2026. De Tweede Kamer heeft dus al ingestemd, maar de Eerste Kamer moet zich hierover nog buigen.

nieuws
30/4/2026
Geld

Arbeidsovereenkomst bij uurtarief tot € 38?

Op 21 april 2026 heeft de Tweede Kamer ingestemd met het wetsvoorstel over het invoeren van een rechtsvermoeden van het bestaan van een arbeidsovereenkomst op basis van een uurtarief. De beoogde inwerkingtreding is 1 juli 2026.

LEES VERDER

Aftrek zorgkosten

Zorgkosten die niet worden gedekt door de verzekering zijn, onder voorwaarden, aftrekbaar van uw inkomen. Niet alle zorgkosten zijn aftrekbaar, ook geldt er een drempel, wat betekent dat u een bepaald deel van uw zorgkosten niet in aftrek kunt brengen. Hoe hoger uw inkomen, hoe hoger ook de drempel. Verder kunt u zorgkosten slechts aftrekken tegen maximaal 37,56% (2026). 

Tip! De Belastingdienst heeft alle regels over aftrek zorgkosten handig op een rij gezet.

Gevluchte studente

Voor de rechtbank Zeeland-West-Brabant kwam de vraag aan de orde of een uit Iran gevluchte studente haar zorgkosten kon aftrekken. De studente verbleef heel 2020 in Nederland, maar had pas in juni van dat jaar een zorgverzekering afgesloten. De discussie spitste zich toe op de vraag of ook de zorgkosten die vóór juni 2020 gemaakt waren, aftrekbaar waren.

Verplicht verzekerd of niet?

Cruciaal was de vraag of de studente tot juni 2020 verplicht verzekerd was of niet. Zo kunnen ook rechtmatig in Nederland verblijvende vreemdelingen onder voorwaarden verzekerd zijn. De rechtbank was van mening dat de bewijslast voor het al dan niet verplicht verzekerd zijn bij de belastingplichtige lag, bij de studente dus.

Aanwijzingen onvoldoende

De studente slaagde er niet in aan te tonen dat ze vóór juni 2020 niet verplicht verzekerd behoorde te zijn. Ze woonde in heel 2020 in Nederland en werd als binnenlandse inwoner aangemerkt. Er waren weliswaar aanwijzingen dat zij mogelijk tot juni 2020 niet verplicht verzekerd was, maar dit vond de rechtbank onvoldoende.

Eerder afsluiten verzekering onmogelijk

De studente lichtte nog toe dat zij een internationale studente was, gevlucht was uit Iran en dat het daarom voor haar pas mogelijk was om een zorgverzekering af te sluiten toen zij in juni 2020 arbeid ging verrichten. Helaas vielen deze argumenten niet onder de bewijslast dat zij niet verzekerd behoorde te zijn. De aanwijzingen vond de rechtbank dan ook onvoldoende om te kunnen concluderen dat ze tot die tijd niet verzekeringsplichtig was. De aftrek van de zorgkosten van voor 20 juni 2020 werd dan ook niet toegestaan.

nieuws
30/4/2026
Medisch

Niet verzekerde zorgkosten wel fiscaal aftrekbaar?

Volgens de Zorgverzekeringswet (Zvw) dient voor zorgkosten verplicht een verzekering te worden afgesloten. Gebeurt dit niet, dan zijn deze zorgkosten in ieder geval niet fiscaal aftrekbaar. Dit geldt niet voor gemoedsbezwaarden en niet-verzekeringsplichtige buitenlandse belastingplichtigen. Valt een internationale student hier ook onder?

LEES VERDER

Onderverdeling

Het Handboek kent een onderverdeling in 15 hoofdstukken. Gestart wordt met algemene informatie, zoals het verschil in diverse rechtsvormen en de eisen die gesteld worden aan uw administratie. Vervolgens wordt uitgebreid ingegaan op specifieke fiscale regelgeving over onder meer aftrekbare kosten en vrijstellingen.

Specifieke regelgeving

Het Handboek besteedt verder uitgebreid aandacht aan onder meer de fiscale aspecten inzake uw bedrijfsruimte, investeringen en de omzetbelasting. Ook de auto en fiets van de zaak komen uitgebreid aan bod, waarbij ook wordt ingegaan op de fiscale verschillen tussen de auto van de zaak en de privéauto die zakelijk wordt gebruikt.

Personeel

Ook de fiscale regels rond het in dienst hebben van personeel komen aan bod. In een apart hoofdstuk komen ook andere vormen van samenwerking met derden aan bod, zoals de in de onderneming meewerkende partner, stagiairs en freelancers.

Buitenland

Ondernemers die zakendoen met het buitenland vinden ook informatie, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen landen binnen en buiten de EU. Ook wordt een onderscheid gemaakt tussen het verhandelen van goederen en het leveren van diensten.

Aangifte doen

In het Handboek vindt u verder informatie over alle aspecten die samenhangen met de diverse aangiftes, zoals de aangifte inkomstenbelasting, btw en loonheffingen. Ingegaan wordt onder meer op het indienen van een bezwaar of beroep en de gevolgen van het niet tijdig betalen van uw belastingen.

Het Handboek Ondernemen 2026 is hier te downloaden.

nieuws
29/4/2026
Belastingdienst

Handboek Ondernemen 2026 handig voor starters

De Belastingdienst heeft het Handboek Ondernemen 2026 gepubliceerd. Het Handboek legt eenvoudig en duidelijk uit met welke fiscale aspecten men als ondernemer te maken heeft of krijgt en geeft hierover beknopt nadere informatie. Het Handboek is met name gericht op starters, maar ook zeker bruikbaar voor al bestaande ondernemingen.

LEES VERDER

Wat betekent dit voor jou?

Als je belasting moet betalen, krijg je hierover bericht van de Belastingdienst. Het nieuwe rekeningnummer staat bij het bericht over de te betalen belasting.

Let op! Het nieuwe rekeningnummer heeft geen gevolgen voor de manier van betaling. Zo blijven bijvoorbeeld internetbetalingen gewoon mogelijk.

Het meest gebruikte nieuwe rekeningnummer van de Belastingdienst wordt NL04 RABO 0200112244. Maar let op, voor sommige belastingen worden andere nieuwe rekeningnummers gebruikt.

Let op bij periodieke betalingen

Betaal je de Belastingdienst periodiek via een automatische incasso, dan hoef je niets te doen. De betalingen worden automatisch overgemaakt naar het nieuwe rekeningnummer.

Je moet alleen opletten wanneer je een periodieke betaling anders hebt geregeld, bijvoorbeeld via een periodieke overboeking bij je bank. In dat geval moet je wel zelf zorgen dat het rekeningnummer wordt aangepast.

Gebruik oude nummer gaat (nog) goed

Gebruik je per ongeluk het ‘oude’ rekeningnummer voor een betaling aan de Belastingdienst, dan wordt je betaling vooralsnog gewoon doorgesluisd naar de Belastingdienst en daar verwerkt. De Belastingdienst heeft hierover afspraken gemaakt met de ING, zodat belastingplichtigen niet de dupe worden.

Vanaf 20 april 2026 ander nummer inkomstenbelasting

Voor het betalen van een voorlopige of definitieve aanslag inkomstenbelasting, kun je al vanaf 20 april 2026 het nieuwe rekeningnummer gebruiken. 

Toeslagen

De Dienst Toeslagen stapt ook over naar de Rabobank en heeft vanaf 1 mei 2026 dus ook een nieuw rekeningnummer. Vanaf die datum kun je aan de Dienst Toeslagen betalen op het nieuwe rekeningnummer NL04 RABO 0200112244. Uitbetalen vanaf dit nummer doet de Dienst Toeslagen voor het eerst op maandag 22 juni 2026.

Let op!Ook hier geldt dat bij betaling op het oude rekeningnummer, de betaling vooralsnog wordt doorgesluisd naar het nieuwe rekeningnummer van de Belastingdienst.

Belastingdienst waarschuwt voor phishing

Vanwege de wijziging van de rekeningnummers, waarschuwt de Belastingdienst nadrukkelijk voor phishing. Criminelen proberen namelijk regelmatig via e-mail, sms, whatsApp of per telefoon een niet-bestaande belastingschuld bij belastingplichtigen te innen. De Belastingdienst int belastingen echter nooit op die manier. Twijfelt u of een bericht echt is, volg dan het stappenplan op de website van de Belastingdienst en controleer het rekeningnummer. 

 
nieuws
29/4/2026
Overheid

Vanaf 1 mei ander rekeningnummer voor Belastingdienst

De Belastingdienst én de Dienst Toeslagen stappen per 1 mei 2026 over van de ING naar de Rabobank. Dit betekent dat ook de rekeningnummers wijzigen.

LEES VERDER

Gebruikelijk loon tot en met € 5.000

Als u zo weinig werkzaamheden voor uw bv verricht dat hier een gebruikelijk loon bij hoort van maximaal € 5.000 op jaarbasis, hoeft u geen gebruikelijk loon in aanmerking te nemen.

Let op! Van deze regel mag u alleen gebruikmaken als u ook daadwerkelijk geen loon uitkeert.

Loon verbonden lichamen telt mee

Voor de beoordeling van de maximaal € 5.000 op jaarbasis tellen uw werkzaamheden en het daarbij horende gebruikelijk loon mee van uw bv, maar ook van zogenaamde verbonden lichamen.

Dga in meer bv’s

In dat verband heeft de Belastingdienst laten weten dat in de volgende situatie sprake is van verbonden lichamen. Een dga heeft een 100% belang in bv X en een 100% belang in bv Y. Voor de werkzaamheden in bv X geldt geen hoger loon dan € 5.000. Dit geldt ook voor bv Y. Worden de werkzaamheden voor bv X en bv Y bij elkaar opgeteld, dan geldt wel een hoger loon dan € 5.000.

De Belastingdienst vindt dat bv X en bv Y verbonden lichamen zijn en dat daarom de regel van het maximale loon van € 5.000 niet opgaat. Zowel in bv X als in bv Y moet daarom een gebruikelijk loon in aanmerking worden genomen.

Ook bij een derde belang of meer

In de aan de Belastingdienst voorgelegde casus had de dga een belang van 100% in beide bv’s. Houd er echter rekening mee dat de Belastingdienst bij een belang van 33,33% of hoger ook zal oordelen dat er sprake is van verbonden lichamen.

Inhoudingsplicht bv X én bv Y?

Het standpunt van de Belastingdienst betekent dat zowel bv X als bv Y inhoudingsplichtig worden voor de dga en een loonadministratie moeten voeren. Deze extra administratieve last kan voorkomen worden als in plaats van de dga, bv Y de opdracht heeft om de werkzaamheden in bv X te verrichten. Of als bv Y de dga in het kader van zijn dienstverband bij bv Y ter beschikking stelt aan bv X voor het uitoefenen van de werkzaamheden in bv X. Als de vergoeding door bv X dan niet rechtstreeks aan de dga betaald wordt, maar aan bv Y, kan de doorbetaaldloonregeling worden toegepast. In dat geval hoeft bv X geen loonadministratie te voeren, maar wordt bv Y inhoudingsplichtig voor zowel de werkzaamheden in bv X als in bv Y.

Let op! Toepassing van deze alternatieven moet wel op de juiste manier worden uitgevoerd. Overleg daarover daarom met onze adviseurs.

nieuws
28/4/2026
Geld

Gebruikelijk loon bij meerdere bv’s

Als u dga bent van meerdere bv’s kan het zijn dat de Belastingdienst vindt dat u in alle bv’s een gebruikelijk loon moet genieten. Dit geldt ook als het loon niet hoger is dan € 5.000 per jaar. Hoe zit dat?

LEES VERDER