Editie september 2018

Editie september 2018

Onderneming en Bewindvoering
Meer ondernemers en zzp’ers komen in de knel door financiële problemen. De gemiddelde schuldenlast van een ondernemer bij aanmelding bij de schuldhulpverlening is inmiddels opgelopen tot € 142.000. Bewindvoerders krijgen in toenemende mate verzoeken om hulp van ondernemers met schulden. Bij deze stijgende trend moet worden bedacht dat als het tot een intake komt, er dan veelal sprake is van een voorafgaande periode van drie jaar overleven.
Vroege signalering noodzakelijk
Daarom is volgens deskundigen in de ondernemingsadvisering het inzetten op vroegsignalering en het geven van voorlichting zo belangrijk, en ook zou het taboe op schulden eraf moeten. Er blijkt bij ondernemers sprake van veel schaamte: financiële problemen koppelt men immers snel aan slecht ondernemerschap. Het is juist deze veronderstelling die het tijdig zoeken van deskundige hulp belemmert.
Oorzaken financiële problemen ondernemers
De oorzaken van financiële problemen van ondernemers zijn heel divers. Soms lopen privé en zaak door elkaar heen. Soms is er ruzie met zakelijke partners, soms gaat het om het ontbreken van ondernemersvaardigheden. Belastingschulden – zoals de niet tijdige afdracht van omzetbelasting – kunnen al snel voor toenemende problemen zorgen. Soms speelt ook een ingrijpend life event waardoor de focus op het ondernemen verdwijnt. Het kan elke ondernemer gebeuren, ook de meer succesvolle. Er zijn op zichzelf wel de nodige tools beschikbaar om ondernemers te helpen, zoals een dwangakkoord, waarmee een ondernemer in betalingsmoeilijkheden naar de schuldeisers kan gaan. Het ‘payrollarrest’ van de Hoge Raad (HR 12-08-2005, ECLI:NL:HR:2005:AT7799) heeft een enorme invloed gehad op het ontstaan en groei van dit dwangakkoord. Beter nog is vroegsignalering die voorkomt dat de schulden ontstaan of zo hoog worden.
Advisering ondernemers in betalingsmoeilijkheden
Iedereen die recht heeft op schuldhulpverlening, moet dat ook kunnen krijgen, dus ook ondernemers. Indien een beschermingsbewind nodig is om dat traject te ondersteunen, dan zou ook dat mogelijk moeten zijn. Het is nu – ondanks de komst van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening – bij iedere gemeente op een andere manier geregeld en men is afhankelijk van de aanwezige kennis. Een ander praktisch probleem waar vereenvoudiging gewenst is, zijn de toeslagen. Er zijn ondernemers in de betalingsproblemen die recht hebben op toeslagen, maar deze niet hebben aangevraagd. Men zegt door slechte ervaringen met terugvorderingen nooit meer een toeslag te willen. Een geringe misstap in de toepassing van de toeslagen wordt algauw als fraude beschouwd waardoor men een boete riskeert. Zelfs zelfredzame en probleemoplossingsgerichte mensen als ondernemers snappen het systeem niet. Deze administratie veroorzaakt stress en kost tijd die beter aan het ondernemen besteed kan worden.
Bewindvoerders en ondernemers met financiële problemen
en beschermingsbewind en een zelfstandige onderneming lijkt haaks op elkaar te staan: men is wel-of-niet-zelfredzaam. Maar het is de vraag of die klassieke tegenstelling nog wel zo vanzelfsprekend is, als men de focus legt op de tijdelijke aard van de meeste problemen en op goede doorstartmogelijkheden in ieders belang. De schuldhulpverlening laat die terughoudendheid meer varen en gaat samenwerken met beschermingsbewindvoerders. Want ook voor ondernemers kan een (tijdelijk) bewind een prima instrument zijn om uit de betalingsproblemen te komen.

Plannen naar aanleiding van Prinsjesdag 2018
Er gaat een regeling komen om de leningen van de directeur groot aandeelhouder (DGA). Gebleken is namelijk dat veel aanmerkelijkbelanghouders (ab-houders bezit 5% of meer aandelen in een besloten vennootschap) grote bedragen lenen van hun eigen B.V.
Hoe werken deze leningen?
Door te lenen van de eigen vennootschap is het mogelijk de heffing in box 2 ( dividenduitkering) box 2 langdurig uitstellen en soms zelfs voorkomen. Omdat de controle op deze opnamen door de belastingdienst er bewerkelijk is heeft het kabinet nu aangekondigd met een specifieke maatregel te komen die maakt dat lenen boven een bedrag van € 500.000 van de eigen vennootschap gaat ontmoedigen.
Hoe de regeling er precies uit gaat zien is nog niet bekend
Er zijn wel enkele zaken bekend gemaakt:
• De maatregelen zullen op 1 januari 2022 in werking treden.
• Als de totale som van schulden van de ab-houder aan zijn eigen vennootschap meer dan € 500.000 bedraagt, wordt dat meerdere als inkomen uit aanmerkelijk belang in aanmerking genomen (box 2).
• Er zal een overgangsregeling komen voor bestaande eigenwoningschulden aan de eigen vennootschap. Daarbij zal de mogelijkheid gebonden gaan worden om de schulden boven € 500.000 af te lossen/terug te brengen zonder box 2 heffing. Dit kan dan in 3 jaar gezien de datum inwerkingtreding.
Dividendbelasting in beweging
Ook de dividendbelasting over dividenduitkeringen wordt ongunstiger voor de ondernemer, deze is nu nog met 25% belast maar ook onderwerp van discussie.

Ondernemers boos over maatregelen kabinet
Ondernemers zijn boos over een fiscale maatregel die het kabinet op het laatste moment heeft genomen om de begroting rond te krijgen. Meerdere belangenverenigingen voor ondernemers hebben zich inmiddels fel tegen de plannen uitgesproken.
Het gaat om het besluit om directeuren-grootaandeelhouders belasting te laten betalen als ze meer dan 500.000 euro van hun eigen bv lenen, bijvoorbeeld om – tegen gunstige voorwaarden – een huis te financieren. Volgens Hans Biesheuvel, de voorzitter van Ondernemend Nederland, komt dat uit de lucht vallen.
Reactie MKB Nederland
Ook MKB-Nederland zag de maatregel niet aankomen. “Die is er, ik zou bijna zeggen, tussen gefietst”, zei voorzitter Jacco Vonhof tegen radiozender BNR. “Als je ziet wat dat betekent voor heel veel ondernemers, daar is gewoon niet over nagedacht.”
De organisatie denkt dat het plan ervoor zal zorgen dat er minder geïnvesteerd zal worden in ondernemingen, wat de groei en werkgelegenheid kan remmen.
Ruim 23.000 leningen
In de praktijk moeten 23.000 directeuren-grootaandeelhouders door het besluit van het kabinet belasting gaan betalen, stelt VNO-NCW. Het gaat om leningen die ze bijvoorbeeld gebruiken in aanvulling op hun loon of voor een hypotheek. Inmiddels hebben VNO-NCW en MKB-Nederland een gesprek aangevraagd met de staatssecretaris van Financiën om te praten over het plan en “de negatieve effecten die kunnen optreden in bestaande situaties”. Ze zullen binnenkort om tafel zitten voor overleg.

Nieuwe belastingtarieven 2019
Staatssecretaris Menno Snel van Financiën heeft tijdens Prinsjesdag het pakket Belastingplan 2019 ingediend bij de Tweede Kamer. Hierin staan diverse voorstellen voor aanpassing van de verschillende tarieven voor de ib en vpb.
Een van de voorstellen is geleidelijke invoering van een tweeschijvenstelsel in box 1 van de inkomstenbelasting. Nu heeft box 1 vier schijven. In 2021 geldt een basistarief van 37,05 procent voor het inkomen tot en met 68.507 euro (schijf 1). Het nieuwe toptarief komt dan uit op 49,5 procent voor het inkomen boven 68.507 euro (schijf 2). De besteedbare inkomens van veel belastingplichtigen nemen hierdoor toe. Een ander voorstel is afschaffing van de dividendbelasting met ingang van 2020.
Tarieven Vpb en IB
Het tarief in de vennootschapsbelasting wordt voor winsten tot en met 200.000 euro in stappen verlaagd van 20 procent naar 16 procent in 2021. Ook voor winsten boven 200.000 euro wordt het tarief (nu 25 procent) geleidelijk verlaagd: naar 22,25 procent in 2021. Verder wordt het tarief in box 2 van de inkomstenbelasting (aanmerkelijk belang) verhoogd van 25 procent naar 26,25 procent in 2020 en 26,9 procent in 2021.
Belastingrente erfbelasting
Voorgesteld wordt om voor de erfbelasting te bepalen dat degene die tijdig een verzoek om een voorlopige aanslag doet of tijdig aangifte doet, geen belastingrente hoeft te betalen wanneer de (voorlopige of definitieve) aanslag erfbelasting wordt vastgesteld overeenkomstig het ingediende verzoek of overeenkomstig de ingediende aangifte.
Aanpak constructies
Constructies die worden opgezet om doelbewust geen belasting te betalen – door geld uit te keren aan aandeelhouders of te schenken aan familieleden – worden aangepakt. Het wordt mogelijk deze belastingschulden te verhalen op bijvoorbeeld aandeelhouders die een winstuitdeling hebben gehad of familieleden die een schenking hebben gekregen. Deze invorderingsmaatregelen werken terug tot en met 18 september 2018.
Zeven wetsvoorstellen
Het pakket Belastingplan bestaat dit jaar uit zeven wetsvoorstellen: Belastingplan 2019, Overige fiscale maatregelen 2019, Wet bronbelasting 2020, Fiscale vergroeningsmaatregelen 2019, Wet implementatie artikel 1 richtlijn elektronische handel, Wet modernisering kleineondernemersregeling en Wet aanpassing kansspelbelasting voor sportweddenschappen. Het wetsvoorstel Wet implementatie eerste EU-richtlijn antibelastingontwijking is geen onderdeel van het pakket Belastingplan 2019.
Vervolg
De vaste commissie voor Financiën van de Tweede Kamer gaat het pakket Belastingplan nu schriftelijk behandelen, zodat het half november plenair kan worden besproken. Hierna kan de Eerste Kamer ermee aan de slag.

Recente Berichten

Heeft u een vraag of bericht?

Niet leesbaar? Verander tekst.

Typ uw zoektermen in. Druk op enter om te zoeken